Juridische Zaken: cameratoezicht en privacy

Ik kwam een aardige uitspraak tegen in zaken die wij in het verleden aan de hand hebben gehad. Het gaat om heimelijk cameratoezicht: inzet van verborgen camera’s bij de verdenking van diefstal door werknemers.

Het is een uitspraak van het Europese Hof in een Spaanse zaak, maar rechtstreeks voor ons van belang.

De volgende criteria zijn van essentieel belang:

  1. De werkgever moet een te respecteren belang hebben bij het toezicht, bijvoorbeeld verdenking van diefstal;
  2. Het middel is nodig om de waarheid aan het licht te brengen. Omdat het een zwaar middel is, moeten andere, lichtere, middelen niet toereikend worden geacht. Het cameratoezicht mag niet structureel, maar dient tijdelijk te zijn.
  3. De werknemers dienen achteraf te worden geïnformeerd dat het cameratoezicht heeft plaatsgevonden. Dat spreekt voor zich, is met name van belang wanneer het toezicht geen onderbouwing van de verdenking heeft opgeleverd.

De werknemers dienen dus achteraf te worden geïnformeerd en de OR dient vooraf instemming te verlenen. Ook wordt aangenomen dat de Autoriteit Persoonsgegevens vooraf om een onderzoek moet worden gevraagd, maar op de site van de AP was daarover niets terug te vinden.

Kortom: onder bovenstaande voorwaarden is de privacyschending toegestaan.

Mr. G.R.M. van den Assum, AssumDelft Advocaten, www.assumdelft.nl