Zoeken
Eigenrisicodragerschap in de WGA
08-12-2008
Vanaf 1 januari 2007 heeft iedere werkgever ieder jaar op 1 januari en 1 juli de mogelijkheid om eigenrisicodrager te worden in de WGA. Novaka adviseert om de eerste mogelijkheid op 1 januari 2007 nog te laten lopen. (Hoewel het volgende artikel met zorg is samengesteld, kan voor de inhoud geen enkele aansprakelijkheid worden aanvaard en kunnen er ook geen rechten aan worden ontleend.)
Eigenrisicodrager
Alle werkgevers hebben wel eens te maken met werknemers die ziek worden. Meestal duurt die ziekte slechts een paar dagen. Maar in de gevallen dat het langer duurt komen er allerlei regels en verplichtingen op de werkgever af. Zo moet hij eerst twee jaar lang het loon (eerste jaar 100 procent; tweede jaar 70 procent) doorbetalen aan de werknemer. Duurt herstel langer dan een paar weken dan moeten werkgever en de zieke werknemer samen op zoek naar oplossingen om snelle terugkeer naar werk te realiseren. Lukt het ondanks alle inspanningen niet om in twee jaar te komen tot herstel, dan komt de zieke werknemer mogelijk in aanmerking voor een uitkering volgens de wet WIA (Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen).
De wet WIA bestaat uit twee delen: de IVA en de WGA. Wanneer de werknemer een uitkering volgens de regeling Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) ontvangt, draagt de werkgever maximaal tien jaar lang de kosten voor die uitkering zelf (voorheen was dit vier jaar). De werknemer krijgt de uitkering van het UWV. De werkgever draagt hiervoor elke maand premies af. Hij kan er echter ook voor kiezen de uitkering zelf uit te betalen of er een private verzekering voor af te sluiten. In die gevallen is de werkgever eigenrisicodrager WGA. Na de periode van tien jaar neemt het UWV de uitkeringslast over.
Eigenrisicodragen brengt een pakket aan taken en verantwoordelijkheden met zich mee als het gaat om reïntegratie. Maar ook het verstrekken van uitkeringen heeft nogal wat voeten in aarde. En dat voor tien jaar! In dit artikel wordt uitgelegd wat eigenrisicodragen betekent. Alle mogelijkheden worden op een rij gezet, zodat de werkgever een afgewogen keuze kan maken. Aan het einde is een begrippenlijst opgenomen.
Bekostiging WGA per 1 januari 2007
De werkgever moet tien jaar lang zelf de lasten voor de WGA-uitkering dragen. Zoals gezegd, kan hij ertoe besluiten verzekerd te blijven bij het UWV. In dat geval verstrekt het UWV de uitkering en is UWV verantwoordelijk voor de reïntegratie van de zieke werknemer. Kiest de werkgever echter voor het eigenrisicodragerschap dan verstrekt hij gedurende tien jaar zelf de uitkering en is hij ook zelf verantwoordelijk voor de reïntegratie.
Eigenrisicodragers kunnen ervoor kiezen de uitkering door het UWV te laten uitbetalen. Het UWV declareert de uitkeringen dan bij de werkgever. Werkgevers die eigenrisicodrager zijn, kunnen zich voor dit risico ook verzekeren bij een private verzekeraar. In dit geval verstrekt de verzekeraar de uitkering en ondersteunt deze bij de zorg voor de reïntegratie van WGA-uitkeringsgerechtigden.
Duur eigenrisicoperiode Vanaf 1 januari 2007 duurt de eigenrisicoperiode tien jaar. Voor WGA-uitkeringen waarvan het recht ontstaat op of na 1 januari 2007 geldt een eigenrisicoperiode van tien jaar. Voor uitkeringen waarvan het recht is ontstaan voor die tijd geldt echter een periode van vier jaar.
Risico verzekeren bij UWV
De werkgever die voor het WGA-risico publiek verzekerd wil blijven bij het UWV (dus geen eigenrisicodrager wordt), betaalt het UWV daarvoor een basispremie en een gedifferentieerde premie.
De hoogte van de gedifferentieerde premie verschilt per bedrijf en is afhankelijk van het aantal arbeidsongeschikte werknemers in een bedrijf: hoe meer arbeidsongeschikte werknemers, des te hoger de premie. Er is wel een minimum- en maximumpremie vastgesteld, deze verschilt bovendien voor kleine bedrijven (25 maal de gemiddelde loonsom (tot 650.000 euro)) en grote ondernemingen (gelijk aan of meer dan 25 maal de gemiddelde loonsom (vanaf 650.000 euro)).
Verhaalsregeling
De werkgever mag maximaal 50 procent van de WGA-premie (gedifferentieerde premie) verhalen op het nettoloon van zijn werknemers. Hij kan met zijn werknemers overleggen (met bijvoorbeeld de personeelsvertegenwoordiging of ondernemingsraad) over concrete invulling hiervan maar is daartoe niet verplicht. Dit verhaalsrecht is geregeld in de Wet financiering sociale verzekeringen, artikel 34 lid 2.
Reïntegratie Na de keuring door het UWV en de vaststelling van de uitkering, bespreekt de reïntegratiecoach van het UWV de mogelijkheden met de zieke werknemer om weer aan het werk te gaan. Dit wordt vastgelegd in de zogenoemde reïntegratievisie. Deze visie bevat een stappenplan en omschrijft de algemene rechten en plichten voor werkgever en werknemer die daarbij horen. Het UWV kan voorts een reïntegratiebedrijf inschakelen. Dat bedrijf maakt aan de hand van de reïntegratievisie een plan hoe de arbeidsongeschikte werknemer weer aan het werk te krijgen. Maar de werknemer kan ook een individuele reïntegratieovereenkomst (IRO) afsluiten met het UWV en zelf een voorstel indienen.
Wanneer het UWV meent dat de werknemer zich niet voldoende inspant om te reïntegreren, kan het besluiten de uitkering geheel of gedeeltelijk en tijdelijk of blijvend stop te zetten. De werknemer kan uiteraard bezwaar aantekenen tegen dit besluit.
Risico privaat verzekeren
Als de werkgever eigenrisicodrager is, kan hij het risico verzekeren bij een private verzekeraar. De werkgever betaalt alleen een basispremie aan het UWV maar geen gedifferentieerde premie WGA.
In plaats daarvan betaalt hij een premie aan de verzekeraar.
Verhaalsregeling
Ook de eigenrisicodrager kan de helft van de premie die hij aan de verzekeraar betaalt op zijn werknemers verhalen. Hieraan zit een belangrijke voorwaarde vast: er mag nooit meer worden verhaald dan de helft van de met de wettelijke WGA-lasten corresponderende premie (de daadwerkelijke kosten van de WGA-uitkering). In die gevallen waarin polissen worden afgesloten waarin meer wordt verzekerd dan alleen de WGA-lasten (bijvoorbeeld ook preventie en verzuim) zullen de desbetreffende verzekeraars in hun nota’s onderscheid moeten maken tussen de wettelijke WGA-premie en de overige kosten. De meerkosten mogen dus niet worden verhaald.
Nota Bene: De politiek heeft, op het moment van schrijven van dit artikel over de verhaalsregeling voor eigenrisicodragers nog geen definitief besluit genomen. Bovenstaande tekst is dus onder voorbehoud.
Reïntegratie Eigenrisicodragers zijn zelf verantwoordelijk voor de reïntegratie van zieke werknemers. Het voordeel is dat de werkgever de reïntegratie dan voor een belangrijk deel in eigen hand heeft. Hij moet zelf de mogelijkheden bespreken met de arbeidsongeschikte werknemer. Er gelden geen vormvereisten zoals het opstellen van een reïntegratievisie. Werkgever en werknemer kunnen samen bepalen hoe de reïntegratie wordt vormgegeven. Hierdoor is maatwerk mogelijk.
Vaak staat in het contract met de verzekeraar dat deze ondersteuning biedt bij preventie en reïntegratie. Het loont dan ook de moeite om bij de keuze voor een verzekeraar niet alleen een afweging op basis van de kosten te maken maar ook op basis van de aanpak van preventie en reïntegratie. Ondersteuning betekent het veelal leveren van deskundigheid op het gebied van preventie en reïntegratie, het organiseren en het (deels) financieren van interventies.
Geen verzekering, werkgever draagt kosten van uitkeringen zelf
De werkgever die ervoor heeft gekozen eigenrisicodrager te zijn voor de WGA, kan er ook voor kiezen de kosten van de uitkeringen gedurende tien jaar zelf te dragen. In dat geval keert hij zelf de uitkering uit, of besteedt dit uit aan het UWV. Het UWV declareert dan de uitkeringen bij de werkgever. De werkgever betaalt alleen een basispremie aan het UWV maar geen gedifferentieerde premie WGA.
Verhaalsregeling
Eigenrisicodragers die alles zelf in de hand houden, kunnen eveneens maximaal de helft van de uitkeringslasten van de WGA verhalen op hun werknemers. De berekening voor het vaststellen van de hoogte daarvan geschiedt door de introductie van een fictieve premie: de kosten van de WGA-uitkeringen te delen door de loonsom. Dit wordt gecalculeerd op basis van een schatting van de te verwachte lasten of op basis van de gerealiseerde lasten van het voorafgaande jaar.
Reïntegratie
De eigenrisicodrager is zelf verantwoordelijk voor de reïntegratie van de werknemer. De werkgever bespreekt ook zelf de reïntegratiemogelijkheden met zijn werknemer. Hij hoeft geen reïntegratievisie op te stellen. Samen met de werknemer bepaalt hij hoe de reïntegratie wordt aangepakt. Hiervoor kan hij gebruikmaken van een reïntegratiebedrijf.
Invulling premies
Alle werkgevers betalen een basispremie, ongeacht of zij eigenrisicodragen of niet. Werkgevers die verzekerd blijven bij het UWV betalen ook een gedifferentieerde WGA-premie. Eigenrisicodragers die privaat verzekerd zijn, betalen in de plaats daarvan een premie aan hun verzekeraar. De loongerelateerde uitkeringen en de vervolguitkeringen worden gedurende tien jaar meegenomen in de gedifferentieerde WGA-premie. De loonaanvullingen ter hoogte van de vervolguitkering worden hierin ook meegenomen. Het deel van de loonaanvulling dat hoger is dan de vervolguitkering wordt betaald uit de basispremie. Ook alle WGA-uitkeringen die langer dan tien jaar duren, worden betaald uit de basispremie.
Beroep en bezwaar
De werkgever die ervoor kiest eigenrisicodrager te zijn, heeft ook zelf de verantwoordelijkheid voor reïntegratie van zijn arbeidsongeschikte werknemer. In dat kader geeft de wet WIA hem de mogelijkheid om dezelfde sanctiemaatregelen op te leggen als het UWV.
Alleen het intrekken van de uitkering is niet toegestaan (hij kan deze wel tijdelijk verlagen). Deze sanctiebeslissingen moeten uiteraard zorgvuldig tot stand komen en voldoende zijn gemotiveerd. De werknemer kan tegen deze maatregelen bezwaar en beroep aantekenen. Net als het UWV dient de eigenrisicodrager - de werkgever - hiervoor een (eenvoudige) bezwaarprocedure in het leven te roepen. Hiervoor geldt geen vormvereiste. Beroep is mogelijk via de bestuursrechter.
Zekerheidsstelling, garantieverklaring
Alle werkgevers hebben de mogelijkheid vanaf 1 januari 2007 eigenrisicodrager te zijn voor de WGA. Indien een werkgever ervoor kiest zich niet privaat te verzekeren maar het financiële risico zélf te dragen, moet hij bovendien een garantieverklaring of zekerheidsstelling overleggen.
De zekerheidsstelling moet afkomstig zijn van een erkende kredietinstelling of erkende verzekeraar en is een garantie voor het geval een eigenrisicodrager zijn verplichtingen niet kan of wil nakomen. Een aparte zekerheidsstelling is niet nodig indien de werkgever een volledige verzekering heeft afgesloten. Hieronder wordt verstaan: een verzekering die alle lasten dekt, ook bij faillissement of betalingsonmacht. Bij een dergelijke polis geeft de verzekeraar de garantstelling af.
Werkgevers die vóór 1 januari 2005 eigenrisicodrager voor de WAO waren en van rechtswege eigenrisicodrager voor de WGA zijn geworden, hoeven voor 2007 geen extra garantiestelling te overleggen. De oude is voldoende om ook de uitbetaling van WGA-uitkeringen te kunnen garanderen. Werkgevers die daarna, dus vanaf 1 januari 2005, eigenrisicodrager zijn geworden, moeten wel een aanvullende garantieverklaring leveren.
Let op!: de Belastingdienst stelt als voorwaarde dat in de volledige verzekering een artikel over de garantieverklaring is opgenomen met de letterlijke tekst van de modelgarantieverklaring van de Belastingdienst. Deze verklaring is te downloaden op de website van de Belastingdienst: www.belastingdienst.nl
Deskundigenoordeel
Ook na de eerste twee ziektejaren, de loondoorbetalingsperiode, moeten werkgever, werknemer en de arbodienst of bedrijfsarts zich blijven inspannen voor de werkhervatting van de arbeidsongeschikte werknemer. Indien de reïntegratie echter stagneert, kunnen zowel de werkgever als de werknemer ieder een zogenoemd deskundigenoordeel aanvragen bij het UWV.
Dit oordeel kan gaan over de arbeids(on)geschiktheid van de werknemer, passend werk binnen het bedrijf voor de werknemer, de reïntegratie-inspanningen van de werknemer of van de werkgever.
Het deskundigenoordeel heeft altijd betrekking gehad op de loondoorbetalingsperiode in de eerste twee jaar. Sinds kort is het voor eigenrisicodragers mogelijk, in geval er een een verschil van mening is met de werknemer over diens reïntegratie, ook na aanvang van de WGA-uitkering een deskundigenoordeel aan te vragen. In dit geval treedt het UWV op als objectief buitenstaander.
Het deskundigenoordeel is bedoeld om de werkgever en werknemer verder te helpen bij hun activiteiten om de werknemer weer aan het werk te krijgen en in een situatie waar ze samen niet uitkomen. De uitspraak van het UWV is voor de werkgever niet bindend, maar moet beschouwd worden als een zwaarwegend advies. Het uitgebrachte deskundigenoordeel en het effect hiervan op de reïntegratie-inspanningen kunnen, na de loondoorbetalingsperiode in de eerste twee jaar, wel worden betrokken bij de beoordeling van het reïntegratieverslag.
Tarieven
Verzekeraars moeten kapitaal reserveren om de uitkeringen in toekomstige jaren te kunnen betalen. Zij moeten dit doorberekenen in de premies (rentedekking). Het UWV hoeft dit niet te doen omdat het met een omslagstelsel werkt en het bedrag van de uitkering dus niet hoeft te reserveren.
Het UWV kan in de aanvangsfase daarom een lagere gedifferentieerde premie hanteren. Vanaf 2007 komt er een tijdelijke toeslag op de gedifferentieerde premie WGA om eerlijke concurrentie tussen verzekeraars en het UWV te realiseren. Het verschil in hoogte van de premies zal in de loop der jaren afnemen. De opslag op de premie wordt gecompenseerd door een verlaging van de basispremie.
UWV of eigenrisicodrager?
Hieronder de mogelijkheden op een rij.
Publiek verzekerd bij het UWV
· Het UWV betaalt de uitkeringen.
· De werkgever betaalt een basispremie en een gedifferentieerde premie, waarvan de hoogte afhankelijk is van het aantal arbeidsongeschikte werknemers in het bedrijf en de omvang van het bedrijf.
· Het UWV is verantwoordelijk voor reïntegratie.
Eigenrisicodrager, privaat verzekerd
· De verzekeraar betaalt de uitkeringen.
· Als de werkgever dat wil kan hij ook de uitkeringen door het UWV laten uitbetalen. Het UWV declareert de betaalde uitkeringen dan bij de verzekeraar.
· De werkgever betaalt een basispremie en daarnaast een premie aan de verzekeraar.
· De werkgever is verantwoordelijk voor reïntegratie.
· De verzekeraar verleent ondersteuning bij preventie en reïntegratie. De wijze waarop is afhankelijk van de polisvoorwaarden c.q. maatwerkafspraken.
Eigenrisicodrager, niet privaat verzekerd
· De werkgever is zelf verantwoordelijk voor de kosten en betaalt de uitkeringen zelf.
· Hij kan er ook voor kiezen om de uitkeringen te laten betalen door het UWV. Het UWV declareert de betaalde uitkeringen dan bij de werkgever.
· De werkgever betaalt alleen de basispremie.
· De werkgever is verantwoordelijk voor reïntegratie.
Inlooprisico en uitlooprisico
Het is van groot belang dat werkgevers bij de keuze voor het UWV of het eigenrisicodragerschap rekening houden met zowel het inloop- als het uitlooprisico. Beide risico’s komen voor rekening van de eigenrisicodrager.
Een werkgever die eigenrisicodrager WGA wordt, moet vanaf dat moment de lopende uitkeringslasten gaan dragen. Bovendien moet hij de eventuele nieuwe WGA-uitkeringen gaan betalen van werknemers die nog geen twee jaar ziek zijn. Dit is het zogenoemde inlooprisico. Lopende ziektegevallen en reeds ingegane uitkeringen vallen doorgaans niet onder de dekking van de private verzekering, omdat het onzekere voorval al heeft plaatsgevonden.
Als de werkgever het eigenrisicodragen WGA wil beëindigen, blijft hij verantwoordelijk voor de WGA-uitkeringen die op dat moment al lopen. Dit is het zogenoemde uitlooprisico. Tevens heeft dit risico betrekking op de WGA-uitkeringen die ontstaan na het einde van het eigenrisicodragen waarvan de eerste ziektedag is gelegen voor het einde van het eigenrisicodragen. Bij verandering van verzekeraar of terugkeer naar het UWV worden lopende ziektegevallen en reeds ingegane WGA-uitkeringen gefinancierd via de private verzekering. Het uitlooprisico is bij private verzekeraars altijd verzekerd.
Oplossing voor inlooprisico
In de praktijk bieden verzekeraars commerciële oplossingen voor dit probleem. Dan kan een werkgever bijvoorbeeld met een financieringsconstructie de lopende lasten financieren en een private verzekering afsluiten voor nieuwe uitkeringen. Ook kan een verzekeraar toch besluiten het inlooprisico geheel of gedeeltelijk mee te nemen en daar wel of geen kostendekkende premie voor te vragen. Dit is sterk afhankelijk van de omvang van het contract, de aard van het bedrijf, het aantal lopende ziektegevallen, de duur daarvan en de activiteiten op het gebied van reïntegratie en de combinatie met andere verzekeringen voor het risico van verzuim en/of arbeidsongeschiktheid.
Let op!
In de praktijk kan het vooral voor kleine bedrijven met lopende, dreigend langdurige ziektegevallen moeilijk zijn een private verzekering af te sluiten. Tenzij de werkgever de uitkeringen zelf kan bekostigen, kan dit voor deze ondernemingen een reden zijn om in het publieke bestel te blijven.
Overname
De werkgever die een ander bedrijf overneemt, moet gedurende maximaal tien jaar de lasten dragen voor de werknemers die op dat moment een WGA-uitkering ontvangen. Ook werknemers die ziek zijn op het moment van de overname en later een WGA-uitkering krijgen, vallen onder het risico van de nieuwe werkgever.
Het maakt in dat geval niet uit of het bedrijf dat wordt overgenomen eigenrisicodrager is of niet.
Overgang geheel dan wel gedeeltelijk van een niet eigenrisicodrager naar een eigenrisicodrager: volledige overgang – risico gaat volledig over gedeeltelijke overgang – risico gaat gedeeltelijk over
Overgang geheel dan wel gedeeltelijk van een eigenrisicodrager naar een niet eigenrisicodrager: volledige overgang – risico gaat volledig over gedeeltelijke overgang – risico gaat niet over
Overgang geheel dan wel gedeeltelijk van een eigenrisicodrager naar een eigenrisicodrager: volledige overgang – risico gaat volledig over gedeeltelijke overgang – risico gaat niet over
Het risico dat overgaat, betreft de lopende uitkeringen en de uitkeringen die na de overgang ontstaan waarbij de eerste ziektedag voor de datum van de overgang is gelegen.
Beëindiging eigenrisicodragerschap
De werkgever mag zijn eigenrisicodragerschap twee keer per jaar beëindigen: per 1 januari en 1 juli van elk jaar. Hij kan hiervoor terecht bij de Belastingdienst. Hij blijft echter wel verantwoordelijk voor lopende WGA-uitkeringen.
Ook is de werkgever verantwoordelijk voor de WGA-uitkering van werknemers die op het moment van beëindiging ziek zijn en na twee jaar ziekte in aanmerking komen voor een WGA-uitkering.
UWV of het eigenrisicodragerschap: elk moment switchen? Alhoewel werkgevers op 1 januari en 1 juli van ieder jaar eigenrisicodrager kunnen worden, betekent dit niet dat onbeperkt kan worden geswitcht tussen het UWV en het eigenrisicodragerschap. Verzekeraars bieden vaak contracten met een bepaalde looptijd aan die kan variëren van één tot vijf jaar. De werkgever is verplicht zich aan de in het contract vastgestelde opzegtermijn te houden. In de regel betekent dit dat de werkgever de looptijd van het contract moet uitdienen voordat het contract kan worden opgezegd. Uitzondering: Het is mogelijk dat de verzekeraar voor het einde van de looptijd van het contract wijzigingen aanbrengt in de polisvoorwaarden of premiepercentages. In die gevallen heeft de werkgever een reden voor tussentijdse opzegging.
Werkgevers die eerst eigenrisicodrager waren maar zijn overgestapt naar het UWV, zijn verplicht drie jaar lang bij het UWV te blijven. Na drie jaar is de werkgever weer vrij een keuze te maken voor het eigenrisicodragerschap.
Eigenrisicodragerschap WAO
De WAO is per 29 december 2005 opgevolgd door een nieuwe regeling, de wet WIA. Heeft de werkgever destijds gekozen het risico voor de WAO zelf te dragen dan betaalde hij - wanneer dat risico zich voordeed - zelf de WAO-uitkeringen aan (ex)-werknemers gedurende de eerste vijf uitkeringsjaren. Ook was de werkgever verantwoordelijk voor de reïntegratie van de werknemer zolang die een dienstverband met hem had. De wet WIA geldt voor werknemers die op of na 1 januari 2004 ziek zijn geworden. Was de (ex-)werknemer al eerder ziek dan blijft de WAO-regeling op hem van toepassing. En dat betekent dat deze uitkering ook in de toekomst nog voor rekening van de eigenrisicodrager WAO komt zolang de eerste vijf uitkeringsjaren nog niet zijn verstreken.
Wat moet de werkgever doen?
Werkgevers van zowel grote als kleine bedrijven kunnen per 1 januari en 1 juli van ieder jaar eigenrisicodrager WGA worden. De aanvraag moet uiterlijk dertien weken voor de beoogde ingangsdatum (dus vóór 1 oktober of vóór 1 april) worden ingediend bij de Belastingdienst in combinatie met een zekerheidsstelling.
Belangrijk! De werkgever moet vóór 1 oktober of vóór 1 april zijn aanvraag indienen vergezeld van een garantstelling. Wanneer iets ontbreekt in de aanvraag dan zal de Belastingdienst de werkgever in de gelegenheid stellen de aanvraag aan te vullen binnen een termijn van vijf weken. Ook kan een werkgever als hij nog geen beschikking van de Belastingdienst heeft ontvangen, zijn aanvraag intrekken.
Eigenrisicodragerschap WGA in een notendop
· Eigenrisicodragers dragen tien jaar de lasten voor de WGA en zijn gedurende deze periode verantwoordelijk voor reïntegratie.
· Voor WGA uitkeringen waarvan het recht ontstaat op of na 1 januari 2007 geldt een eigenrisicoperiode van tien jaar.
Voor uitkeringen waarvan het recht is ontstaan voor die tijd geldt een periode van vier jaar.
· Elke werkgever betaalt de basispremie, ongeacht of hij eigenrisicodrager is of niet.
· Eigenrisicodragers zijn geen gedifferentieerde WGA-premie verschuldigd. Wanneer de werkgever een private verzekering heeft afgesloten, betaalt hij in plaats daarvan een private premie aan de verzekeraar.
· De eigenrisicodrager kan het UWV de WGA-uitkering laten uitbetalen of zelf de uitkeringen verstrekken.
Als de eigenrisicodrager het WGA-risico privaat heeft verzekerd, verstrekt de verzekeraar de uitkeringen.
· Het eigenrisicodragerschap is mogelijk per 1 januari of 1 juli van enig jaar.
· De aanvraag moet uiterlijk dertien weken voor de beoogde ingangsdatum worden ingediend bij de Belastingdienst in combinatie met een zekerheidsstelling (vóór 1 oktober of 1 april van ieder jaar).
· WGA-uitkeringen voor lopende ziektegevallen komen voor rekening van de eigenrisicodrager.
Handige websites
Voor meer informatie over dit onderwerp:
- www.werkennaarvermogen.nl
- www.uwv.nl/erd
- www.belastingdienst.nl/zakelijk/loonheffingen.html
- www.verzekeraars.nl
Begrippenlijst
Loongerelateerde uitkering: een gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemer die in de WGA terechtkomt, heeft eerst recht op een loongerelateerde uitkering. De hoogte van deze uitkering bedraagt - als de werknemer niet werkt - 70 procent van het (maximale) dagloon. Als de arbeidsongeschikte werknemer wel werkt, is de uitkering 70 procent van het verschil tussen het (maximale) dagloon en het met werken verdiende inkomen.
Loonaanvulling: een gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemer die in de WGA zit, heeft recht op loonaanvulling wanneer hij tenminste 50 procent van de resterende verdiencapaciteit (dat wat iemand met zijn/haar beperkingen nog kan verdienen) verdient. De loonaanvulling is 70 procent van het verschil tussen het oude loon en de resterende verdiencapaciteit. Het inkomen bestaat in dat geval uit het inkomen dat wordt verdiend met het benutten van de resterende verdiencapaciteit + de loonaanvulling.
Vervolguitkering: een gedeeltelijk arbeidsgeschikte werknemer die in de WGA zit en minder dan 50 procent van de resterende verdiencapaciteit benut, heeft recht op een vervolguitkering. De vervolguitkering is niet afhankelijk van het loon dat iemand voorheen verdiende, maar is een percentage van het minimumloon. Het inkomen bestaat in dat geval uit het inkomen dat eventueel wordt verdiend met het benutten van de resterende verdiencapaciteit en de vervolguitkering.
Reïntegratievisie: als de werkgever is verzekerd bij het UWV, geeft de reïntegratiecoach van het UWV na de beoordeling met een reïntegratievisie aan welke mogelijkheden de werknemer heeft om weer aan het werk te gaan. De reïntegratievisie bevat een duidelijk stappenplan en omschrijft ook de algemene rechten en plichten die daarbij horen.
Reïntegratieverslag: in het reïntegratieverslag staan alle activiteiten die de werkgever, werknemer en arbodienstverlenende instantie hebben ondernomen om de zieke werknemer weer aan de slag te krijgen.
Pagina per e-mail verzenden
Vul onderstaand formulier in om uw deze pagina per e-mail naar uw kennis of collega te sturen.